Agenda en Nieuws

Luuk leest voor tijdens Erfgoeddag op 26/04

Op zondag 26 april vindt tussen 10u00 en 18u00 op de site van het Lijsternest/Streuvelshuis de Erfgoeddag plaats. Bij die gelegenheid lezen vrijwilliger, medewerkers en voormalige residenten van het schrijvershuis tijdens een marathonlezing Prutske van Stijn Streuvels voor in een hertaling van Ed Franck. Ook Luuk Gruwez is een van de lezers

Bespreking 'de eindelozen' in NRC

Lees een bespreking van De eindelozen door NRC.

Bespreking 'de eindelozen' in de Morgen

Lees een bespreking van De eindelozen door De Morgen.

Nieuwe bundel - de eindelozen

Met Wijvenheide, zijn vorige bundel, genomineerd voor VSB-prijs, gooide Luuk Gruwez hoge ogen. Met zijn nieuwe bundel, De eindelozen, gaat hij verder op de ingeslagen weg.

De grens tussen het eindige en het eindeloze in deze bundel is zeer smal. Soms blijkt wie gestorven is, eindelozer dan wie nog leeft. Van de zogenaamde oorlogsheld die op weergaloze wijze de dood een hak heeft weten te zetten, blijft niets over dat hem groter en oneindiger dan zijn medemens maakt. Als er iets is waarin Gruwez gelooft dan is het in de eindeloosheid van de eeuwigheid en van het niets. Eindeloosheid is een mythe, de mythe van Medea, bijvoorbeeld, die door haar beide kinderen te vermoorden in feite zichzelf doodt, maar zichzelf als mythe ontsterfelijk maakt, net als haar mannelijke, hedendaagse evenknie, een moderne Blauwbaard, de seriemoordenaar die András Pándy heet.

Al die eindeloosheid? Zij is in feite uiterst relatief, net als de poëzie zelve. Want poëzie, zo blijkt al uit het aanvangsgedicht, is er niet voor de eeuwigheid, maar hooguit voor de herhaling. Het lijkt Gruwezs enige hoop te zijn: die op een poëzie die toch even de misschien naïeve illusie wekt dat ook zij wel tot verdwijnen is gedoemd, maar na haar verdwijnen als een feniks uit haar as herrijst om opnieuw te beginnen en opnieuw. Het is eigenlijk een geloof dat Gruwez koestert als een bijgeloof: hij probeert zichzelf ermee overeind te houden. Want de dichter heeft een dubieuze relatie met de dichtkunst: De eindelozen is daarom in wezen zowel een ode als een scheldtirade aan het adres van de poëzie.

Maar waar het deze dichter uiteindelijk om te doen is, is de menselijke species. Hij portretteert zijn soortgenoten, zijn familieleden en verre of dichtbije kennissen, door ze in al hun ordinaire en soms aandoenlijke aardsheid te omschrijven als slachtoffers en daders, het ene net zoveel als het andere. De eindelozen is een bundel over al onze beperkingen, hoe wij die moeten haten en liefhebben als onszelf en daar heel vaak in mislukken.